De precariobelasting wordt niet geheven ter zake van het hebben van voorwerpen:
waarvan de aanwezigheid door de gemeente op grond van een overeenkomst of anderszins rechtens moeten worden gedoogd;
welke aan de gemeente toebehoren, met uitzondering van die voorwerpen welke aan derden zijn verhuurd of ter beschikking gesteld;
waarvan de aanwezigheid noodzakelijk is voor de uitoefening van de publiekrechtelijke taak door het rijk, de provincie en de waterschappen;
bestaande uit vanwege het voormalig staatsbedrijf der PTT en/of diens rechtsopvolgers, dan wel soortgelijke dienstverlenende instellingen/bedrijven aangebrachte brievenbussen, postzegelautomaten, telefooncellen en niet tot reclame dienende borden, vermeldende aanwijzingen voor het publiek, mits de grootste afmeting van deze borden niet meer dan 2 meter bedraagt;
bestaande uit wegwijzers en borden, gevende verkeersaanwijzingen van de Koninklijke Nederlandse Toeristenbond ANWB en van andere overeenkomstige instellingen;
uitsluitend gebezigd voor een liefdadig of onzelfzuchtig doel.
Artikel 9
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van de precariobelasting 2026