**1..** Uittreding uit de regeling geschiedt door een daartoe strekkend besluit van het college en de benodigde toestemming van de raad.
**2..** Voor uittreding wordt een opzegtermijn van een jaar in acht genomen.
**3..** Een deelnemende gemeente deelt het voornemen tot uittreding schriftelijk gemotiveerd mee aan het bestuur.
**4..** De uittreding gaat, behoudens door de deelnemers geaccepteerde afwijking, in vanaf het begin van het kalenderjaar.
**5..** Indien een gemeente uittreedt, besluiten de colleges van de overige gemeenten over de voortzetting van de gemeenschappelijke regeling en de wijze waarop.
**6..** Uitgangspunt bij uittreding is dat de uittredende gemeente de kosten draagt die het rechtstreeks gevolg zijn van de uittreding en dat de overige gemeenten geen financieel nadeel van de uittreding ondervinden.
**7..** De vertegenwoordiger van de uittredende deelnemer in het bestuur houdt gedurende de periode van het besluit tot uittreding tot de daadwerkelijke uittreding bij de beraadslaging en besluitvorming door het bestuur rekening met de belangen van ReinUnie zoals deze zich kunnen voordoen vanaf het moment van daadwerkelijke uittreding.
Hoofdstuk 5
Artikel 28
Uittreding
Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling ReinUnie 2010, derde wijziging