Huurwoningen kan men onderscheiden in sociale huurwoningen en vrije sector huurwoningen. Daarnaast kan onderscheid gemaakt worden tussen grondgebonden woningen en gestapelde woningbouw.
Een sociale huurwoning wordt in het Besluit Ruimtelijke Ordening (Bro) gedefinieerd als volgt:
“Een sociale huurwoning is een woning, waarbij de aanvangshuurprijs ligt onder de grens als bedoeld in artikel 13, eerste lid, onder a, van de Wet op de Huurtoeslag, waarbij de instandhouding voor de in een gemeentelijke verordening omschreven doelgroep voor tenminste tien jaar na ingebruikname is verzekerd”.
De bedoelde huurgrens is de maximale huurprijsgrens van de Regeling huurtoeslaggrenzen die jaarlijks door het Rijk wordt vastgesteld.
In de sociale woningbouw huur en koop worden naast grond gebonden woningen ook appartementengebouwen gerealiseerd met twee of meer woonlagen, waarbij elke woonlaag meerdere appartementen kan hebben. Met noemt deze vorm woningbouw meergezinswoningen (mgw). Bij gestapelde sociale woningbouw wordt gebruik gemaakt van de zogenoemde stapelingsfactoren zoals benoemd in onderstaande tabel. Afhankelijk van het aantal woonlagen in een appartementengebouw wordt integraal een stapelingsfactor toegepast afhankelijk van het aantal woonlagen. Hiermee wordt geanticipeerd op de hogere bouwkosten wanneer gerealiseerd wordt in meerdere bouwlagen waarbij rekening moet worden gehouden met onder andere gemeenschappelijke ruimten zoals entrees, galerijen en liften.
De volgende stapelingsfactoren worden gehanteerd voor bepaling van de grondprijs:
Aantal woonlagen
Stapelingsfactor
Basis: eengezinswoning (grondgebonden woning) voor sociale huur en sociale koop
1,000 = basis
Meergezinswoning in 2 lagen
0,900
Meergezinswoning in 3 lagen
0,800
Meergezinswoning in 4 lagen
0,750
Meergezinswoning in 5 lagen
0,725
Meergezinswoning in 6 lagen
0,700
Meergezinswoning in 7 lagen
0,675
Meergezinswoning in 8 lagen
0,650
Meergezinswoning in 9 lagen
0,625
Meergezinswoning in 10 of meer lagen
0,600
In de Grondprijzenbrief wordt een nadere uitleg gegeven met betrekking tot deze stapelingsfactoren.
De grondprijs voor sociale huurwoningen kan, bij uitgifte onder gebruikelijke condities, worden berekend volgens de comparatieve of vergelijkingsmethode.
De grondprijs voor vrije sector huurwoningen wordt bepaald op basis van de uitgifteprijs voor vrije sector koopwoningen. De grondprijs kan worden bepaald op basis van residuele waarde bepaling en/of vergelijking met prijzen in omliggende gemeenten, de zogenaamde comparatieve grondprijs bepalingsmethode. Als bij uitgifte van grond voor vrije sector huurwoningen door de gemeente bijzondere voorwaarden worden gesteld kan bij prijsvorming daarmee rekening worden gehouden.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.2
Artikel 3.2.1
Huurwoningen
Onderdeel van Nota Grondprijsbeleid 2023-2026