Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1 › Paragraaf 1.1

Artikel 1.1.2

Eigen kracht

Onderdeel van Beleidsregels Maatschappelijke ondersteuning Gemeente Heemskerk 2022

De eigen kracht van de cliënt heeft betrekking op de mogelijkheden van de cliënt om zelf bij te dragen aan zijn zelfredzaamheid en participatie. De Wmo is uitsluitend bedoeld om mogelijkheden te bieden door middel van voorzieningen als het niet in iemands eigen vermogen ligt het probleem op te lossen. Deze eigen verantwoordelijkheid komt tijdens het gesprek aan de orde. Voorbeeld Uit het gesprek kan naar voren komen dat cliënt niet meer in staat is om zware taken in het huishouden te verrichten, maar dat de lichte taken nog wel zelfstandig uitgevoerd kunnen worden. Het zelfstandig kunnen uitvoeren van de lichte taken valt dan onder de eigen kracht en hiermee dient rekening gehouden te worden in de besluitvorming omtrent het eventueel verstrekken van een Wmo-voorziening. 1.1.2.1 Gebruikelijke hulp Gebruikelijke hulp valt onder de eigen kracht en is hulp die naar algemeen aanvaarde opvattingen in redelijkheid mag worden verwacht van een huisgenoot, zoals de echtgenoot, ouders, inwonende kinderen of andere huisgenoten (personen die deel uitmaken van de leefeenheid van cliënt). In alle gevallen geldt dat de personen in staat moeten zijn om ondersteuning in de zelfredzaamheid en participatie te bieden. Gebruikelijke hulp wordt dus alleen verwacht als een persoon inwoont bij de cliënt. Of sprake is van inwoning wordt naar de concrete feitelijke situatie beoordeeld. Daarbij staat inwonend tegenover het hebben van een volledig eigen en zelfstandige huishouding, waarbij er geen zaken zoals huisnummer, kosten nutsvoorzieningen, voordeur en dergelijke door elkaar lopen. We spreken van gebruikelijke hulp bij begeleiding door een volwassen huisgenoot: In kortdurende situaties (maximaal 3 maanden): als uitzicht op herstel (van de zelfredzaamheid) dusdanig is dat begeleiding daarna niet meer nodig zal zijn. In langdurige situaties; Bij het normaal maatschappelijk verkeer binnen de persoonlijke levenssfeer, zoals het bezoeken van familie/vrienden, huisarts, enzovoort. Het geven van begeleiding op het terrein van de maatschappelijke participatie. Hulp bij overnemen van taken die bij een gezamenlijk huishouden behoren zoals de administratie. We spreken van gebruikelijke hulp bij het huishouden: Bij gebruikelijke hulp wordt gekeken naar de leeftijd van de huisgenoot en de gezondheidssituatie. Tot 18 jaar wordt van huisgenoten verwacht dat zij op huishoudelijk gebied hun bijdragen leveren. Bijvoorbeeld door het schoon houden van de eigen kamer en/of door het verrichten van hand- en spandiensten als het doen van (kleine) boodschappen, het helpen bij de afwas, enzovoort. Van personen vanaf 18 jaar wordt verwacht dat zij de huishoudelijke taken overnemen wanneer de primaire verzorger uitvalt. Er dient altijd onderzocht te worden wat, gezien alle omstandigheden, redelijkerwijs verwacht kan worden van iemand van 18 jaar en ouder. Uit onderzoek kan blijken dat er voor bepaalde taken inzet van hulp bij het huishouden nodig is. Alleen bij structurele daadwerkelijke afwezigheid van de huisgenoot gedurende een aantal dagen en nachten per week zullen de niet-uitstelbare taken overgenomen kunnen worden. Gebruikelijke hulp is uitgewerkt in bijlage 3 van de Verordening.

Rechtspraak bij dit artikel