Naar hoofdinhoud
1.. Alle in deze regeling opgenomen bepalingen voor het budgethouderschap zijn van overeenkomstige toepassing op de hoofd-, (deel)budgethouder(s), budgetbeheerders en bijzondere budgethouders alsmede op hun plaatsvervangers. 2.. Budgetverantwoordelijkheid is ondeelbaar in die zin dat het niet is toegestaan dat twee of meer (deel)budgethouders dezelfde verantwoordelijkheid hebben voor een begrotingsonderdeel of project met bijbehorend budget. 3.. Een (deel)budgethouder of budgetbeheerder mag de gemandateerde bevoegdheden niet uitoefenen ten aanzien van zichzelf of ten aanzien van hoger geplaatste functionarissen. 4.. Per organisatieonderdeel en/of per (deel)budgethouder kunnen, voor zover niet strijdig met deze regeling en/of andere algemene regels, aan de zelfstandige uitoefening van het (deel)budgethouderschap condities en beperkingen worden aangebracht door of onder goedkeuring van de hoofdbudgethouder. 5.. Bij afwezigheid van de hoofdbudgethouder en/of (deel)budgethouders worden de verantwoordelijkheden en de gemandateerde (teken)bevoegdheden uitgeoefend door diens aangewezen plaatsvervanger. De plaatsvervanger van de deelbudgethouder dient te worden aangewezen door de budgethouder. Indien geen plaatsvervanger is aangewezen dan vindt vervanging plaats door het eerstvolgende hogere niveau. 6.. Met het accepteren van het budgethouderschap door een (deel)budgethouder en budgetbeheerder nemen zij de verantwoordelijkheid op zich om al het mogelijke te doen om binnen het budget en afgesproken prestaties te blijven. Het is aan hun om aan te tonen dat hij deze verantwoordelijkheid heeft genomen.

Rechtspraak bij dit artikel