Het is verboden op de begraafplaats:
zonder toestemming van Burgemeester en wethouders een overledene te (doen) begraven;
op andere tijden als bedoeld in artikel 9 een overledene te begraven of aan een herdenkingsbijeenkomst deel te nemen
te handelen in strijd met de aanwijzingen van de beheerder;
zonder of in afwijking van de vergunning een grafbedekking te plaatsen of in stand te houden;
anders dan op het aangewezen strooiveld (heuvel W) as te verstrooien;
op de grafruimten te lopen;
gebouwen en graven te verontreinigen;
zonder ontheffing van het college met motorrijtuigen op de begraafplaatsen te rijden:
anders dan op de daartoe aangewezen rijwegen, uitgezonderd motorrijtuigen die in gebruik zijn voor begrafenissen en scootmobiels ;
sneller dan 10 km per uur;
rijwielen mee te voeren, anders dan om deze in de daarvoor aangewezen gedeelten te plaatsen;
huisdieren mee te nemen;
gereedschappen of andere niet tot de grafruimte behorende voorwerpen te bewaren anders dan in de daartoe bestemde opbergplaatsen;
bedrijfsmatig geluids- en beeldopnamen te maken zonder toestemming van het college;
tegen de wil van deelnemers aan een begrafenis- of herdenkingsbijeenkomst daarvan geluids- en beeldopnamen te maken;
bezoekers en medewerkers te hinderen bij het begraven en het verrichten van werkzaamheden;
zich te gedragen in strijd met de eerbied, aan de doden verschuldigd.
Hoofdstuk 2
Artikel 5