Naar hoofdinhoud
1.. Het is verboden zonder vergunning van het college een openbare inzameling van geld of goederen te houden of daartoe een intekenlijst aan te bieden. 2.. Onder een inzameling van geld of goederen wordt mede verstaan: het bij het aanbieden van goederen, waartoe ook worden gerekend geschreven of gedrukte stukken, dan wel bij het aanbieden van diensten aanvaarden van geld of goederen, indien daarbij te kennen wordt gegeven of de indruk wordt gewekt dat de opbrengst geheel of ten dele voor een liefdadig of ideëel doel is bestemd. 3.. Het inzamelen van kleding, waarbij de opbrengst geheel of ten dele voor een liefdadig of ideëel doel is bestemd, door of met toestemming van de inzameldienst als bedoeld in artikel 1 van de Afvalstoffenverordening 2015, is geen inzameling van geld of goederen als bedoeld in het eerste artikellid. 4.. Het verbod als bedoeld in het eerste artikellid geldt niet voor: Een inzameling die in besloten kring gehouden wordt; collectes die zijn opgenomen in het collecterooster van het Centraal Bureau Fondsenwerving en op de in het collecterooster vermelde periode worden gehouden; en instellingen met het keurmerk van het Centraal Bureau Fondsenwerving of een Anbi status bij de Belastingdienst als uiterlijk veertien werkdagen voor de inzameling digitaal melding wordt gedaan bij het college onder vermelding van het doel waarvoor en de tijdsperiode waarin wordt ingezameld. 5.. Een openbare inzameling van geld of goederen is uitsluitend toegestaan op maandag tot en met zaterdag, tussen 10.00 en 21.00 uur, door personen van 16 jaar en ouder die een geldig bewijs van de collecterende instelling bij zich hebben. 6.. Kinderen beneden de leeftijd van 16 jaar mogen uitsluitend geld of goederen inzamelen onder verantwoordelijkheid van een meerderjarige. 7.. Als een openbare inzameling niet in de betreffende periode wordt gehouden is de inzamelende instelling, dan wel degene onder wiens verantwoordelijkheid wordt ingezameld, verplicht om het college hierover zo spoedig mogelijk te informeren. 8.. Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

Rechtspraak bij dit artikel