Indien het voortduren der zekerheid niet langer noodzakelijk is, beveelt de rechter, zoo noodig na verhoor van den verdachte en diens waarborg, ambtshalve, op de vordering van het openbaar ministerie, of op het verzoek van den verdachte of diens waarborg, dat de gestorte geldswaarden aan dengene die de zekerheid heeft gesteld, zullen worden teruggegeven, of dat diens verbintenis zal worden opgeheven.
Boek Eerste › Titel IV › afdeeling Tweede › § 4
Artikel 85
Artikel 85
Onderdeel van Wetboek van Strafvordering· Procesrecht
In werking sinds 1 januari 1926