Indien de veroordeelde meer dan één straf achtereenvolgens moet ondergaan, worden deze straffen zo enigszins mogelijk aaneensluitend ten uitvoer gelegd. In het geval meerdere straffen aaneensluitend ten uitvoer worden gelegd:
worden zij als één straf aangemerkt voor de toepassing van artikel 6:2:5, eerste lid;
worden geheel onvoorwaardelijk ten uitvoer te leggen vrijheidsstraffen gezamenlijk, met uitzondering van vervangende hechtenis die moet worden ondergaan, als één vrijheidsstraf aangemerkt voor de toepassing van artikel 6:2:10.
Boek 6 › Hoofdstuk 2 › titel Eerste
Artikel 6:2:6
Artikel 6:2:6
Onderdeel van Wetboek van Strafvordering· Procesrecht
In werking sinds 1 januari 2020