**1.** Bij veroordeling wegens een der misdrijven omschreven in de artikelen 138b, vijfde lid, en 140a kan ontzetting van het in artikel 28, eerste lid, onder 3°, vermelde recht worden uitgesproken.
**2.** Bij veroordeling wegens het misdrijf omschreven in artikel 140 kan ontzetting van de in artikel 28, eerste lid, onder 1°, 2° en 4°, vermelde rechten worden uitgesproken en kan de schuldige worden ontzet van de uitoefening van het beroep waarin hij het misdrijf heeft gepleegd.
Boek Tweede › Titel V
Artikel 152
Artikel 152
Onderdeel van Wetboek van Strafrecht· Strafrecht
In werking sinds 1 januari 2026