1 Tenlastelegging
De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij - samengevat – stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op de persoonlijke levenssfeer van aangeefster [slachtoffer] (hierna aangeefster) met het oogmerk haar vrees aan te jagen (feit 1), dat hij een autoband van aangeefster heeft vernield (feit 2) en dat hij de beschikking had over een visuele weergave van seksuele aard van aangeefster, terwijl hij wist dat deze weergave wederrechtelijk was vervaardigd (feit 3 primair), dan wel dat hij een visuele weergave van seksuele aard van aangeefster openbaar heeft gemaakt (feit 3 subsidiair).
De volledige tenlastelegging (hierna beschuldiging) houdt in dat
1
hij in of omstreeks de periode van 21 november 2024 tot en met 29 juli 2025 te
Rotterdam, althans in Nederland, wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [slachtoffer] ,
door veelvuldig:
- Whatsapp- en/of Tiktok en/of sms-berichten te sturen naar die [slachtoffer] en/of
- via familie en vrienden contact te zoeken met die [slachtoffer] en/of
- te bellen naar die [slachtoffer] en/of
- met een auto die [slachtoffer] te achtervolgen en/of
- voicemailberichten achter te laten bij die [slachtoffer] en/of
- contact te zoeken met die [slachtoffer] door fake account te gebruiken
- in de straat en/of langs de woning van die [slachtoffer] te rijden en/of
- in de buurt (900 meter) van de woning van die [slachtoffer] een huurhuis te huren en/of
- bij de supermarkt nabij de woning van die [slachtoffer] boodschappen te doen en/of met het oogmerk die [slachtoffer] , te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden en/of vrees aan te jagen;
2
hij in of omstreeks de periode van 23 april 2025 tot en met 25 april 2025 te
Rotterdam opzettelijk en wederrechtelijk een autoband (Fiat 500), in elk geval enig
goed, dat/die geheel of ten dele aan een ander, te weten aan [slachtoffer] , toebehoorde
heeft vernield, beschadigd, onbruikbaar gemaakt en/of weggemaakt;
3 primair
hij in of omstreeks de periode van 4 maart 2025 tot en met 29 juli 2025 te Rotterdam,
de beschikking had over een visuele weergave van seksuele aard, te weten een foto
en/of een video van een persoon, te weten [slachtoffer] , waarop te zien was dat die
[slachtoffer] oraal bevredigd, terwijl verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden
dat deze visuele weergave door of als gevolg van het opzettelijk en wederrechtelijk
vervaardigen was verkregen;
subsidiair
hij in of omstreeks de periode van 4 maart 2025 tot en met 29 juli 2025 te Rotterdam, althans in Nederland, een visuele weergave van seksuele aard, te weten van een persoon, te
weten [slachtoffer] , waarop te zien is dat die [slachtoffer] schaars gekleed is en/of die [slachtoffer] en/of verdachte seksuele handelingen verrichten, openbaar heeft gemaakt, terwijl verdachte wist dat die openbaarmaking nadelig voor die [slachtoffer] kon zijn.