ECLI:NL:HR:2026:788
Hoge Raad
- Uitspraak
- 26 mei 2026
- Zaaknummer
- 24/00808
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Cassatie
Inhoudsindicatie
Witwassen van geldbedrag door € 32.100 te verstoppen in plafond van woonwagen van buurvrouw van verdachte, art. 420bis.1.a Sr. Bewijsklacht verhullen van vindplaats. Uit wetsgeschiedenis van art. 420bis Sr volgt dat ‘verbergen’ en ‘verhullen’ a.b.i. art. 420bis.1.a Sr betrekking hebben op gedragingen die erop zijn gericht zicht op (onder andere) vindplaats van voorwerpen te bemoeilijken. Die gedragingen moeten tevens geschikt zijn om dat doel te bereiken (vgl. HR:2017:236 en HR:2023:462). Uit ‘s hofs bewijsvoering blijkt dat verdachte een contant geldbedrag van in totaal € 32.100 in woning van derde heeft ondergebracht, door het daar in slaapkamer achter plafondplaat te plaatsen. Gelet op het op deze manier bemoeilijken van zicht op vindplaats van geld is bewezenverklaring wat betreft het ‘verhullen van vindplaats’ toereikend gemotiveerd. Volgt verwerping.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.