ECLI:NL:HR:2026:1189
Hoge Raad
- Uitspraak
- 14 juli 2026
- Zaaknummer
- 24/03896
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Cassatie
Inhoudsindicatie
Valsheid in geschrift, art. 225.1 Sr. Vrijspraak in eerste aanleg. 1. Bewijsklacht opzet. Kan (voorwaardelijk) opzet op valselijk opmaken van formulier ‘Verklaring vermissing reisdocument/rijbewijs gemeente’ uit bewijsmiddelen worden afgeleid? 2. Strafmotivering (taakstraf van 60 uren, subsidiair 30 dagen hechtenis, waarvan 20 uren, subsidiair 10 dagen hechtenis, voorwaardelijk). Blijken door hof in aanmerking genomen omstandigheden uit onderzoek ttz? Ad 1. HR: Om redenen vermeld in CAG leidt middel niet tot cassatie. CAG: Hof heeft o.b.v. zijn vaststellingen in zijn nadere bewijsoverwegingen niet onbegrijpelijk tot oordeel kunnen komen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan opzettelijk opmaken van vals geschrift. Ad 2. Hof heeft in strafmotivering in nadeel van verdachte betrokken dat “verdachte op moment van begaan van feit was verkozen als gemeenteraadslid van betreffende gemeente en hij bovendien zelf als journalist kritisch schrijft over overheidshandelen”. P-v van tz. en stukken waarvan ttz. de korte inhoud is medegedeeld bieden echter onvoldoende aanknopingspunten voor die vaststellingen. Strafoplegging is daarom ontoereikend gemotiveerd. Volgt (partiële) vernietiging en terugwijzing t.a.v. strafoplegging.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.