ECLI:NL:HR:2026:1187
Hoge Raad
- Uitspraak
- 14 juli 2026
- Zaaknummer
- 24/01914
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Cassatie
Inhoudsindicatie
Openlijke geweldpleging (art. 141.1 Sr) en wederspannigheid (art. 180 Sr). Redelijke termijn in hoger beroep. Had hof moeten beslissen op opmerking van raadsvrouw t.a.v. zeer forse overschrijding van redelijke termijn onder verwijzing naar datum waarop rechtsmiddel is aangewend gevolgd door stelling dat redelijke termijn met meer dan 4 jaren is overschreden? Gelet op wat raadsvrouw heeft aangevoerd over overschrijding van redelijke termijn in h.b., had hof hierover gemotiveerde beslissing moeten nemen. Zo’n beslissing ontbreekt in ‘s hofs uitspraak. HR doet zaak zelf af door ervan uit te gaan dat redelijke termijn bij behandeling van zaak in h.b. is overschreden en in het licht van opgelegde taakstraf van 60 uren te volstaan met oordeel dat redelijke termijn zowel bij behandeling van zaak in h.b. als in cassatieprocedure is overschreden. Volgt verwerping. Samenhang met 24/01913 en 23/01915.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.