Naar hoofdinhoud

ECLI:NL:HR:2026:1150

Hoge Raad

Uitspraak
7 juli 2026
Zaaknummer
24/04185
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Cassatie

Inhoudsindicatie

Medeplegen mensenhandel in de zin van arbeidsuitbuiting m.b.t. au-pairs uit Indonesië, meermalen gepleegd (art. 273f.1.1, 273f.1.4 en 273f.1.6 Sr). Afwijzing van voorafgaand aan tz. in hoger beroep per e-mail gedaan en ttz. in h.b. gehandhaafd verzoek om medeverdachte als getuige te horen, op de grond dat verdediging ttz. in h.b. vóór terugwijzing door HR afstand heeft gedaan van horen van deze getuige. Als in cassatieprocedure HR een uitspraak vernietigt en zaak, v.zv. aan zijn oordeel onderworpen, o.g.v. art. 440 Sv terugwijst naar hof of verwijst naar ander hof om opnieuw te worden berecht en afgedaan, heeft rechter die na verwijzing of terugwijzing moet oordelen tot taak het onderzoek binnen de uit beslissing van HR voortvloeiende grenzen geheel opnieuw aan te vangen en te voltooien, v.zv. uit wet niet tegendeel voortvloeit (vgl. HR:2014:1496). Hof heeft verzoek van verdediging tot horen van medeverdachte als getuige afgewezen, omdat verdediging al ttz. in h.b. van 15-11-2021 (vóór terugwijzing van zaak door HR) afstand heeft gedaan van horen van medeverdachte als getuige. Dat oordeel getuigt van onjuiste rechtsopvatting. Gelet op wat hiervoor is vooropgesteld, staat het verdachte namelijk vrij om, nadat a.g.v. verwijzing of terugwijzing door HR het onderzoek opnieuw is aangevangen, verzoek tot horen van bepaalde getuige te doen, ook als in procedure voor die verwijzing of terugwijzing, door of namens verdachte niet zo’n verzoek is gedaan dan wel zo’n verzoek wel is gedaan maar op enig moment niet is gehandhaafd. Volgt vernietiging en verwijzing. Samenhang met 24/04186. Vervolg op HR:2024:156.

Uitspraak

Lees de hele uitspraak met een gratis account

Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.