Naar hoofdinhoud

ECLI:NL:GHSHE:2026:2252

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Uitspraak
21 juli 2026
Zaaknummer
20-002523-25
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Hoger beroep, Op tegenspraak

Inhoudsindicatie

Vrijspraak Het hof concludeert dat de vervoerder [verdachte] ten tijde van het tenlastegelegde (8 november 2023) de zorgplicht als bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 in dit geval niet heeft geschonden. Het hof is, tegen de achtergrond van hetgeen in het arrest is weergegeven, van oordeel dat de zorgplicht van de vervoerder niet zo ver reikt dat bij niet-visumplichtige derdelanders aan de hand van de stempels in een reisdocument moet worden gecontroleerd of eerder verblijf in het Schengengebied in de laatste 180 dagen aanleiding geeft tot de conclusie dat de vrije termijn is verstreken en om die reden inreis in het Schengengebied niet is toegestaan. Die controle gaat naar het oordeel verder dan ‘het toezicht dat redelijkerwijs van de vervoerder kan worden gevorderd’ als bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000. Dat de zorgplicht voor de vervoerder ten tijde van het tenlastegelegde niet zo ver reikte, leidt het hof ook af uit het gegeven dat in de destijds geldende Vreemdelingencirculaire 2000 het controleren van in- en uitreisstempels in een paspoort van een niet-visumplichtige derdelander niet was opgenomen in de opsomming van zaken die de vervoerder ten minste moest controleren en voorts dat onlangs de Vreemdelingencirculaire 2000 is aangepast. Eerst op 12 oktober 2025 is hieraan toegevoegd dat de vervoerder via de bovengenoemde EES-webdienst (artikel 13 EES-verordening) gegevens verstrekt om na te gaan of onderdanen van derde landen die houder zijn van een visum voor kort verblijf voor één of twee binnenkomsten al dan niet het aantal binnenkomsten waarop hun visum recht geeft, hebben opgebruikt. Voorts geldt, blijkens de overgangsbepaling uit artikel 22 van de EES-verordening, dat gedurende de eerste 180 dagen na de invoering van de EES-webdienst de bevoegde grensautoriteiten (en niet de vervoerders) de stempels in de paspoorten zullen blijven controleren. Het hof begrijpt hieruit – in samenhang met de achtergrond van en toelichting op deze wijziging – dat de vervoerder thans, anders dan ten tijde van het tenlastegelegde, middels raadpleging van de EES-webdienst nadrukkelijk een rol heeft gekregen om te controleren of een derdelander met een visum kortverblijf of een niet-visumplichtige derdelander vanwege een overschrijding van het aantal toegestane binnenkomsten of eerdere verblijfsduur in het Schengengebied mag worden vervoerd en dat die controle past bij ‘het toezicht dat redelijkerwijs van de vervoerder kan worden gevorderd’.

Uitspraak

Lees de hele uitspraak met een gratis account

Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.