ECLI:NL:GHSHE:2026:2201
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Uitspraak
- 31 juli 2026
- Zaaknummer
- 20-000094-23
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Hoger beroep
Inhoudsindicatie
Ten laste van de verdachte is bewezenverklaard dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan mishandeling van zijn toenmalige partner in het bijzijn van zijn kinderen. Door aldus te handelen heeft de verdachte een inbreuk gemaakt op de lichamelijke integriteit van aangeefster en afbreuk gedaan aan de veilige thuisbasis die zijn kinderen zouden moeten kunnen ervaren. Het handelen van de verdachte rekent het hof de verdachte aan. Het hof acht het opleggen van een geldboete niet passend bij een huiselijk geweldsituatie als de onderhavige, omdat zulks geen recht doet aan de ernst van het bewezenverklaarde. Gelet op het feit dat de verdachte nog regelmatig contact zal moeten hebben met aangeefster met betrekking tot de omgang en verzorging van hun kind, de nog lopende procedure over de omgang en het gezag voor het gezamenlijk kind en ter voorkoming van herhaling is het hof van oordeel dat een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 2 weken met een proeftijd van 3 jaren passend en geboden is.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.