Naar hoofdinhoud

ECLI:NL:GHSHE:2026:1688

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Uitspraak
24 juni 2026
Zaaknummer
20-000638-25
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Hoger beroep, Op tegenspraak

Inhoudsindicatie

Verdachte – die destijds 20 jaar oud was – heeft zich schuldig gemaakt aan verkrachting van twee meisjes die beide vier jaar jonger waren dan verdachte. Hoewel het hof van oordeel is dat in beginsel niet kan worden volstaan met het opleggen van een andersoortige of lichtere sanctie dan een straf die onvoorwaardelijke vrijheidsbeneming voor langere duur met zich brengt, ziet het hof in dit specifieke geval aanleiding om hiervan af te wijken, gelet op enkele nader in het arrest genoemde feiten en omstandigheden die het hof in strafmatigende zin in aanmerking neemt alsmede de overschrijding van de redelijke termijn in eerste aanleg met ruim een jaar. Alles afwegende en gelet op het taakstrafverbod legt het hof op een gevangenisstraf van 360 dagen waarvan 359 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren en bijzondere voorwaarden in combinatie met een taakstraf van 240 uren. Voorts kent het hof schadevergoeding toe aan de benadeelde partijen, waaronder verplaatste materiële schade ex artikel 6:107, eerste li